Vrouwen in de gevangenis

Er zijn in Nederland drie gevangenissen en huizen van bewaring voor vrouwen. Daarin zitten jaarlijks ongeveer 3000 vrouwen voor korte of langere tijd vast.

De helft van de vrouwen komt er terecht in verband met drugssmokkel en andere misdaden die met drugshandel te maken hebben. Andere misdaden waarvoor vrouwen veroordeeld worden, zijn bijvoorbeeld diefstal en vernieling. De meeste vrouwen die gevangen zitten, zijn tussen de 20 en 30 jaar.

Kinderen

Meer dan de helft van de vrouwen in detentie is moeder. Zij zien hun kinderen alleen tijdens het wekelijkse bezoekuur. Een paar vrouwengevangenissen hebben een apart logeerhuis. Daar kunnen kinderen die hun moeder in de gevangenis bezoeken, samen met haar logeren.

Telkens wanneer de moeder met haar kinderen in het logeerhuis wil logeren, moet zij dit tevoren aanvragen.
Kinderen die een moeder in de gevangenis hebben, worden verzorgd door hun vader of door familie: oma, opa, tantes, ooms. Maar soms kan dat niet en moeten zij ergens anders heen. Dan zoekt de Raad voor de Kinderbescherming voor hen een pleeggezin of een plek in een tehuis.

De directeur kan toestemming geven om de baby tot 6 maanden bij moeder te laten blijven. In uitzonderlijke gevallen tot 9 maanden. Elke vrouweninrichting heeft speciale cellen voor vrouwen die hun baby bij zich hebben. Maar een gevangenis is natuurlijk geen gezonde plek voor een jong kind. Daarom moeten na verloop van tijd ook baby’s ergens anders ondergebracht worden.

Baby

Het is mogelijk dat een vrouw een baby verwacht, als zij komt vast te zitten. Tegen de tijd dat de baby wordt geboren, wordt de vrouw opgenomen in het Penitentiaire Ziekenhuis in Den Haag. Als dit te ver weg is of de baby eerder komt, gaat de vrouw naar een ziekenhuis in de buurt.
Na de geboorte worden moeder en kind teruggebracht naar de inrichting. Als er iemand is die meteen de zorg voor de baby op zich kan nemen, gaat de moeder alleen terug.