Proefschrift overlijden in detentie

Maandag 23 oktober verscheen het proefschrift van Eveline Thoneen ‘Death in State custody’. Het onderzoek richt zich op de vraag welke verplichtingen met betrekking tot het overlijden in detentie in strafrechtelijke context, volgen uit het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). En of het Nederlands juridische kader voldoende waarborgen bevat om aan die verplichtingen te voldoen.

In het onderzoek wordt geconcludeerd dat het Nederlands juridisch kader geen expliciete verplichting bevat om alle overlijdensgevallen en levensbedreigende incidenten tijdens vrijheidsbeneming door de overheid te onderzoeken om te bepalen of de overheidsinstanties hebben voldaan aan de verplichting om de gezondheid en het leven van de gedetineerde in kwestie te beschermen. De vereiste onafhankelijkheid van het onderzoek is niet voor alle onderzoekende partijen verzekerd, bijvoorbeeld met betrekking tot de positie van de forensische arts en de calamiteitencommissies die worden gevormd binnen het Gevangeniswezen. De betrokkenheid van de nabestaanden is ook niet voldoende verzekerd en er zijn onvoldoende waarborgen voor de openbaarheid van het onderzoek. Eerder dit jaar concludeerde de Nationale Ombudsman naar aanleiding van een klacht (van de ouders van een overleden gedetineerde) dat het onderzoek zo volledig mogelijk is gebeurd en dat dit ook op onafhankelijke wijze is geschied. Conclusie is dat er niet is gehandeld in strijd met het vereiste van behoorlijk overheidsoptreden dat mensenrechten. Wel is de ombudsman van oordeel dat goede informatieverstrekking aan nabestaanden beter kan. De richtlijn van DJI ‘overlijden in detentie’ wordt op dit moment herzien. Met het oog hierop zal worden nagegaan worden of het proefschrift conclusies en aanbevelingen behelst waar DJI haar voordeel mee kan doen.

Voor meer info zie de site van de RU Nijmegen.