Veldzicht maakt succesvolle doorstart

Deze hoofdrubriek bevat 5 rubrieken:

Weblog

Veldzicht, de oudste nog bestaande Rijksinrichting van Nederland, heeft een turbulente periode achter de rug. Nadat in korte tijd veel veranderingen zijn doorgevoerd is er nu een duidelijk en attractief toekomstperspectief.

Even recapituleren: in 2013 werd Veldzicht geconfronteerd met het ontstellende bericht dat de kliniek per 1 januari 2016 zijn poorten zou moeten sluiten. Dit na tachtig jaar dienst te hebben gedaan als tbs-inrichting. Voor medewerkers en patiënten een volkomen onverwacht besluit. Reden: de gestaag afnemende behoefte aan tbs-plekken.

Mede dankzij een goed georganiseerde lobby-actie, waaraan in het bijzonder ook de naam is verbonden van de heer Arie Slob, toenmalig fractievoorzitter van de ChristenUnie in de Tweede Kamer, werd besloten om de kliniek alsnog open te houden. Belangrijkste argument hiervoor was de betekenis van Veldzicht voor de regionale arbeidsmarkt in Noord-Overijssel en omstreken. Op dat moment werkten er bijna vijfhonderd mensen bij het Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) in Balkbrug.

Gewijzigde bestemming

Aan de doorstart van Veldzicht waren wel enkele voorwaarden verbonden. De kliniek zou op kleinere schaal verder gaan, met minder medewerkers, een lager budget en bovendien met een gewijzigde bestemming. Verder werd afgesproken dat het ‘nieuwe’ Veldzicht drie jaar zou krijgen om haar bestaansrecht en levensvatbaarheid als instelling voor (ongewenste) vreemdelingen met een ernstige psychiatrische stoornis waar te maken. Voor die periode is sprake van een financiële garantstelling. 2018 is het laatste jaar dat Veldzicht een beroep kan doen op deze regeling.

Met ingang van 2019 zal voor de kliniek, net als geldt voor ‘zusterinstelling’ de Oostvaarderskliniek in Almere, een systeem van prestatiebekostiging van toepassing zijn. Dat houdt kort gezegd in dat de patiëntenzorg voldoende inkomsten moet opleveren om de exploitatiekosten te dekken.

Uitdaging

Al met al een enorme uitdaging om aan deze opdracht te voldoen. In 2015 werd in hoog tempo de noodzakelijke transitie gerealiseerd. Het aantal medewerkers werd teruggebracht tot om en nabij driehonderd en vrijwel alle tbs-patiënten werden overgeplaatst naar andere inrichtingen. In de loop van 2015 stroomden nieuwe patiënten de kliniek in. Zowel strafrechtelijk, civielrechtelijk (op titel van de BOPZ, de wet Bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen) als bestuursrechtelijk, met name uit de centra voor vreemdelingenbewaring.

In het eerste jaar na de reorganisatie (2016) is binnen Veldzicht veel aandacht en energie besteed aan het wegwerken van ‘achterstallig onderhoud’. Mede door het vertrek van veel ervaren krachten was allerlei kennis en kunde uit de organisatie verdwenen, waar weer in voorzien moest worden. Ook de invoering van het Elektronisch Patiënten Dossier (EPD) had hoge prioriteit. Samen met de Oostvaarderskliniek en een aantal andere partijen is het gelukt om dit in minder dan een jaar tijd voor elkaar te krijgen. Hiermee werd tevens aan een belangrijke voorwaarde voldaan om uit de voeten te kunnen met de beoogde prestatiebekostiging: alle behandelaars kunnen in het EPD de tijd registreren die zij aan patiëntenzorg besteden. Dat legt de basis onder een structureel gezonde financiering.

Centrum voor Transculturele Psychiatrie

Om te markeren dat Veldzicht niet langer de identiteit heeft van een FPC is de kliniek omgedoopt tot Centrum voor Transculturele Psychiatrie (CTP). Daarmee is nadrukkelijk gekozen voor een profilering als psychiatrisch ziekenhuis voor patiënten uit een grote diversiteit van culturen. Sinds de doorstart heeft het nieuwe Veldzicht circa vijfhonderd patiënten in behandeling genomen uit meer dan vijftig landen, van Afghanistan tot Zuid-Afrika. Vaak patiënten die de Nederlandse taal niet machtig zijn en bovendien te maken hebben met het vooruitzicht om terug te keren naar het land van herkomst. Voor mensen die meestal zwaar getraumatiseerd zijn, last hebben van een ernstig ontregelend psychiatrisch ziektebeeld met soms hevig ‘acting-out’-gedrag bepaald niet de makkelijkste manier om aan hun herstel te werken en hun (verstoorde) levensloop zo goed mogelijk te vervolgen.

In dat opzicht is het op zijn minst verrassend dat CTP Veldzicht er doorgaans prima in slaagt om haar moeilijke doelgroepen, die bovendien onder zeer uiteenlopende wettelijke regimes vallen, goede zorg te bieden.

'Patiënten vaardig en veilig verder helpen'

De kliniek stelt met trots vast dat onder het motto 'patiënten vaardig en veilig verder helpen' mag worden gezegd dat de behandeling ook effect heeft gehad. Dat is geen geringe prestatie. CTP Veldzicht neemt daarmee een unieke positie in binnen het Nederlandse zorglandschap. In dat opzicht kan gesteld worden dat de talrijke ‘stakeholders’ waarmee Veldzicht van doen heeft, van het COA tot de grote gemeenten en van de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) tot verwijzende instellingen, zoals PI’s en PPC’s, maar ook de ggz, intussen overtuigd zijn van nut en noodzaak van Veldzicht als specialist op het gebied van transculturele psychiatrie.

Qua bestaansrecht heeft de instelling daarmee haar waarde voor een veilige samenleving aangetoond. Maar ook op het punt van de levensvatbaarheid is er volop vertrouwen dat Veldzicht met het huidige aantal van 156 klinische bedden in staat is om een structureel sluitende financiële exploitatie te laten zien.

Voor een kliniek die nog geen vijf jaar geleden ten dode leek opgeschreven een prestatie van formaat.