Geestelijk verzorgers hebben verschoningsrecht

Geestelijken die in gevangenissen werken mogen zwijgen over informatie die ze gehoord hebben van verdachten. Dat heeft de Hoge Raad bepaald. Naast artsen, advocaten en notarissen geldt het zogenoemde verschoningsrecht ook voor geestelijken, ongeacht de stroming waartoe zij behoren.

De hoogste rechter van Nederland deed deze uitspraak in een zaak over een moord in Axel. Een boeddhistisch en humanistisch geestelijk verzorger weigerden voor de rechter te verklaren over uitspraken die zij tijdens hun werk in de gevangenis zouden hebben gehoord. Zij beriepen zich op het verschoningsrecht. De advocaat van de veroordeelde die in cassatie ging, maakte daar bezwaar tegen. De geestelijk verzorgers zouden als respectievelijk boeddhist en humanist niet als geestelijke aan te merken zijn en dat recht daarom niet hebben.

In die redenering ging de Hoge Raad niet mee. Vanwege "de aard en inhoud van hun functie” hebben alle geestelijk verzorgers in de gevangenis het recht om te zwijgen, ongeacht de stroming waartoe zij behoren.

Belang van ambtsgeheim geestelijk verzorgers

Om iemand in detentie verder te helpen is het belangrijk dat diegene eerlijk naar zichzelf kan kijken. Een ingeslotene moet zich durven openstellen en de ruimte voelen om vrijuit te praten. Het ambtsgeheim van de geestelijk verzorger, creëert deze ruimte. Het contact is gebaseerd op gelijkwaardigheid en wederzijds vertrouwen. Van daaruit wordt er gesproken over wat er in het verleden is gebeurd, waar iemand nu staat, en wat zijn of haar ideeën zijn voor de toekomst. De geestelijk verzorger is gesprekspartner en spirituele gids en biedt ingesloten de handvatten om tot inzichten te komen en zijn of haar leven een goede richting te geven.

Zie voor meer informatie de pagina ' Dienst Geestelijke Verzorging (DGV)'.