“Als de sfeer goed is, dan heb ik een goede dienst gedraaid”

Deze hoofdrubriek bevat 6 rubrieken:

Weblog

Lizzy werkt nu bijna een jaar bij Rijks Justitiële Jeugdinrichting (RJJI) De Hunnerberg in Nijmegen.

De pedagogisch medewerker wilde graag iets met jongeren doen en vooral op sociaal vlak met ze aan de slag gaan. Dan is ze hier aan het juiste adres. We vroegen naar haar werk als pedagogisch medewerker. Zeven vragen, zeven antwoorden.

Je bent pedagogisch medewerker bij RJJI De Hunnerberg. Welke opleiding heb je hiervoor gedaan en waarom heb je hiervoor gekozen?

“Ik heb de opleiding Maatschappelijk Werk en Dienstverlening (MWD) afgerond aan de HAN in Nijmegen. Als je de pedagogische kant op wilde, kon je voorheen kiezen voor opleidingen zoals MWD, Culturele en Maatschappelijke Vorming (CMV) of Sociaal Pedagogische Hulpverlening (SPH). Tegenwoordig hebben ze die drie opleidingen samengevoegd tot één: Social Work. Ik wist al snel dat ik graag iets met mensen wilde doen, aan de slag op sociaal gebied. De opleiding MWD was daarin het breedste als het gaat om werken met mensen. Hierin kon ik de meeste kanten op gaan en had ik de meeste opties”.

En hoe ben je vervolgens in deze jeugdinrichting gekomen?

“Ik ben hier tien maanden geleden begonnen. Daarvoor werkte ik in een gevangenis voor volwassenen als penitentiair inrichtingswerker (PIW’er). Ik merkte dat ik de inhoudelijke gesprekken met de justitiabelen miste. In een gevangenis voor volwassenen verblijven veel meer justitiabelen op een afdeling dan bij jeugd, waardoor je meer 1 op 1 kunt werken met de jongere. Het zette me aan het denken en ik wilde meer met groepswerk. Hier bij RJJI De Hunnerberg zijn er volop mogelijkheden om dat te kunnen doen”.

Wat maakt het werken met jongeren zo interessant/ speciaal?

“Het bezig zijn met het sociale netwerk van de jongere is toch wel een bijzonder aspect. En natuurlijk dat je de mens kunt helpen die achter de persoon schuil gaat die een delict heeft gepleegd. Omdat ze vaak nog jong zijn en dus na een bepaalde periode weer terug gaan naar de maatschappij, valt er nog zo veel voor ze te leren. We proberen ze handvatten mee te geven voor in de toekomst. Gelukkig zien we de meeste jongeren daarna nooit meer terug. Dan hoop je dat wat je ze hier binnen hebt geleerd, toepassen in de buitenwereld”.

Hoe ziet een gewone werkdag er voor jou uit?

“We beginnen met het wakker maken van de jongeren, nadat ze gedoucht zijn, gaan we samen met ze ontbijten. Vervolgens gaan ze intern naar school en in die tijd helpen wij bij de leswissels, voeren we mentorgesprekken en zijn we bezig met het maken van rapportages. Tussendoor moet de een wel eens naar de tandarts, een ander naar de medische dienst of weg voor behandeling. Deze faciliteiten zijn allemaal binnen de inrichting: dus je blijft bezig. Zodra ze terugkomen van school, gaan we weer gezamenlijk lunchen. In de middag gaan ze weer naar school, en dan vindt vaak de werkoverdracht plaats aan de volgende dienst. Daarnaast hebben we wekelijks jongerenbespreking met het hele team. Halverwege de middag komen ze weer terug van school en hebben we nog gesprekken met de jongeren. Hier zit de vroege dienst er op en wordt er overgedragen aan de avonddienst. Die halen de jongeren aan het einde van de middag op van school en dan hebben ze recreatie voor zichzelf. Daarna is er een verplicht uur op kamer en wordt er vervolgens gezamenlijk gegeten, gevolgd door corvee. In de avond is er weer recreatie en enkele keren wordt er dan bibliotheek, sport of spel aangeboden. Ook gaan we mee op begeleiding als een jongere met verlof mag.”

Wat maakt voor jou een werkdag geslaagd?

“Ik vind het voornamelijk heel belangrijk dat de sfeer op de groep goed is. Zowel met de jongeren als met collega’s. De jongeren zijn natuurlijk hun vrijheid kwijt en zitten opgesloten, maar je wilt er toch voor zorgen dat de sfeer onderling goed is. Dat komt hun behandeling ook ten goede. Als ik dat kan waarborgen, dan kan ik wel concluderen dat ik een goede dienst heb gedraaid”.

Wat is de grootste misvatting over jouw werk?

“Voor de buitenwereld is de jeugdinrichting van zichzelf een onbekend terrein. Mensen van buiten de muren denken vaak “laat die jongeren gewoon heel de dag op kamer zitten, ze zitten daar niet voor niks”. Maar zo werkt het niet, het feit dat ze zelf geen controle en vrijheid meer hebben, is voor de jongeren al een straf op zich. Het verplicht naar school laten gaan van de jongeren en ze laten sporten is ook een heel belangrijk onderdeel wat hoort bij de behandeling om ze zo goed mogelijk voor te bereiden op een goede terugkeer naar de samenleving.”

Tot slot; heb je nog persoonlijke doelen, wat wil je nog bereiken?

“Dat ik veel ervaring kan opdoen de komende jaren. Ik kijk nu zelf op tegen onze senior pedagogisch medewerkers. Als ik over een aantal jaar zover ben, dan hoop ik dat ik de nieuwe lichting zelf dingen kan leren, en dat zij degene zijn die tegen mij opkijken…”