“Je bouwt een professionele band op, maar ik maak geen vrienden"

Deze hoofdrubriek bevat 6 rubrieken:

Weblog

Marc is Verpleegkundig ZBIW’er, een functie waarin hij zich zowel met beveiliging als zorg bezighoudt. In het penitentiair psychiatrisch centrum (PPC) waar hij werkt, maakt hij veel mee en komt er soms veel op hem af.

“Het is in mijn werk niet te voorspellen hoe de dag gaat lopen. De patiënten die in een PPC verblijven hebben namelijk ernstige psychosociale problemen. Ik begeleid gedetineerde patiënten zonder vooroordeel en probeer altijd de persoon achter de ziekte te zien. Het gaat allemaal om persoonlijke begeleiding, de juiste interventies en goede zorg bieden. Dat is wat professionaliteit voor mij betekent.”

Via de social media kanalen van DJI konden jullie hem de afgelopen weken vragen stellen over zijn werk. Hieronder vind je zijn antwoorden op de meest gestelde vragen.

Welke opleidingen heb je gevolgd?
“Ik heb een MBO4 diploma om het werk als ZBIW-er te kunnen doen. Daarnaast is een MBO-V of HBO-V diploma noodzakelijk om ook als verpleegkundige aan de gang te kunnen. Ook heb ik een Basis beroepsopleiding gedaan, aangeboden door de werkgever.”

Als je iets heftigs meemaakt tijdens je werk, hoe ga je daar mee om?
“Door pas op de plaats te maken. We bevriezen de situatie, kijken hoe het met onszelf en de collega’s gaat. Hebben zo nodig een deskundig opvangteam dat we kunnen vragen te ondersteunen. En we praten erover, ook thuis. Je moet namelijk je verhaal kunnen doen. Als het echt heftig is, gaat het de rest van je leven mee. Wat je wil is dat het een plaats krijgt waarin jij de toeschouwer blijft en niet de betrokkene.”

Bouw je een band op met gedetineerden?
“Ja, je bouwt een professionele band op, maar ik maak geen vrienden. Er is dus altijd een goede omgang met betrekking tot afstand en nabijheid. Soms is er iemand met een wat hogere gunfactor, vaak omdat je ziet dat ze zich omhoog knokken vanuit hopeloze situaties. Voor deze patienten doe ik graag een stapje extra.”

Word je nooit cynisch?
“Nee, je wordt niet per se cynisch, maar vaak betrap ik mezelf erop dat ik dingen makkelijker aanvoel en minder snel van dingen opkijk in de maatschappij. Mijn ‘normale’ blik hou ik door de oeroude regel toe te passen: ‘zou ik het prettig vinden als het mij of mijn omgeving overkomt?’ Daarmee vermijd ik dat ik dingen die ik achter de muren zie gebeuren als normaal ga zien.”

Hoe ga je met emoties of uitingen om?
“Vaak zijn de emoties en uitingen niet op jou persoonlijk gericht, maar op de situatie waarin de patiënt zich bevindt. Ik probeer te luisteren, en als het nodig is doe ik niet anders dan dat ik met mijn kinderen zou doen: ik geeft ze een standje of ik geef ze een knuffel. Je bent vaak het enige tegen wie patiënten zich kunnen uiten en dat is iets wat ik continue probeer mee te nemen in mijn afweging en reactie.”

Neem je je werk mee naar huis?
“Ik denk niet dat er ook maar 1 collega is die dit niet gebeurt. Je werkt met mensen en als er iets heftigs of juist iets enorm vrolijks gebeurt, dan denk je hier aan, ook als je thuis ben. Maar als het je gaat hinderen dan zijn er mogelijkheden dit bespreekbaar te maken met collega’s en leidinggevenden. Het is trouwens niet zo dat dit dagelijks gebeurt, maar het kan voorkomen.”

Je hebt lastig werk, hoe houd je de moed erin?
“Door de mooie dingen te blijven zien, de vooruitgang van een patiënt is een succes waar ik erg blij van kan worden. De collegialiteit onder het personeel, de lol die we met zijn allen hebben, de samenhang onder het personeel, maakt dat het leuk blijft.”