Positie slachtoffer verankerd in de keten

Informeren en raadplegen

De positie van slachtoffers rond het detentieverloop van veroordeelden is de laatste jaren flink verstevigd. In de Wet Straffen en Beschermen als de Wet uitbreiding slachtofferrechten is bepaald dat slachtoffers en nabestaanden beter geïnformeerd en geraadpleegd moeten worden over bijvoorbeeld het toekennen van verlof en andere vrijheden. ‘Het goed informeren van slachtoffers kan veel leed voorkomen’, is de overtuiging in de strafrechtketen.

Eind 2025 en begin 2026 is een belangrijke stap genomen: het Informatiepunt Detentieverloop, voorheen een onderdeel van het Openbaar Ministerie (OM), is voor een groot deel geïntegreerd in de processen van het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Daarmee is een volgende stap genomen om bij CJIB het Slachtoffer Informatiepunt als informatieknooppunt rondom detentieverloop in te richten. Een stap die impact heeft op de werkwijze van DJI. De laatste stap van de wet S&B die op 1 januari 2026 is ingegaan, betekent voor DJI dat zij de wensen van slachtoffers bij bijna alle verlofaanvragen moet meewegen. De komende jaren zal nog een aantal veranderingen volgen in de processen rondom het betrekken van slachtoffers.

Beeld: © DJI / DJI

Marjolein van Buul, DJI.

Informeren en raadplegen

Slachtoffers hebben definitief een positie gekregen in het detentieverloop van een veroordeelde. Het CJIB informeert en raadpleegt eventuele slachtoffers en brengt hun beschermingsbehoeften in kaart. DJI neemt deze informatie mee in de totale afweging en uiteindelijke beslissing over het verlof. Het CJIB op zijn beurt informeert slachtoffers hierover en raadpleegt slachtoffers over hun wensen rondom deze verloven. Marjolein van Buul is bij Dienst Justitiële Inrichtingen verantwoordelijk voor het programma rondom de veranderingen op het gebied van Slachtofferbelangen. Zij vertelt: ‘Er kunnen wensen zijn waar wij rekening mee kunnen of moeten houden, zoals een contact- of locatieverbod. Bij de beslissing over het toekennen van verlof, maakt DJI een afweging op basis van het gedrag van de gedetineerde gedurende de detentie, risico’s en de belangen en wensen van slachtoffers en/of nabestaanden. Daarnaast worden ook nog adviezen van ketenpartners ingewonnen. Verlof hangt dus niet alleen af van slachtofferbelangen. Daarbij maken we voortdurend de balans op: we nemen slachtoffers heel serieus, maar onze maatschappelijke opdracht is ook om gedetineerden zo goed mogelijk te laten terugkeren in de samenleving. Je kunt je voorstellen dat dit proces om veel zorgvuldigheid vraagt.’

Beeld: © DJI / DJI

Ditta Haantjes, CJIB.

Andere tak van sport

En dat kan DJI dan ook niet alleen. Er is veel overleg in de strafrechtketen, met bijvoorbeeld het CJIB en Slachtofferhulp Nederland (SHN). Ditta Haantjes, manager Informeren en Raadplegen slachtoffers bij het CJIB, vertelt wat de veranderingen voor haar organisatie betekenen: ‘Met de komst van de Wet S&B in 2021 werd duidelijk dat onze rol flink zou veranderen. Voor ons was die ontwikkeling niet onlogisch: we informeren slachtoffers al meer dan 25 jaar over de schadevergoedingsmaatregel en beschikken over informatie omtrent de veroordeelde.  Het informeren van slachtoffers over meer dan alleen de schadevergoedingsmaatregel past daar logischerwijs bij.

Ik ben destijds met vijf medewerkers en een Excel bestandje begonnen om slachtoffers te raadplegen en informeren over hun beschermingsbehoeften bij verlof en andere vrijheden. Inmiddels hebben we twee teams met zo’n 60 medewerkers, een systeem voor gegevensverwerking, een brievenmodule en een dashboard dat instroomcijfers en doorlooptijden laat zien. De collega’s in de teams zijn druk met het halen en verstrekken van alle benodigde informatie en dat vraagt om specifieke competenties. Belangrijk is dat collega’s goed kunnen luisteren, empathisch zijn  en het slachtoffer het gevoel geeft dat hij/zij wordt gehoord. Je wilt recht doen aan slachtoffers en voorkomen dat een slachtoffer niet ook nog slachtoffer wordt van ons handelen of op onbegrip stuit’

Luisterend oor

Haantjes vervolgt: ‘We hebben dus verschillende typen collega’s aangenomen om samen met interne collega’s teams met veel kwaliteit te vormen. Denk aan collega’s met een achtergrond bij Slachtofferhulp Nederland en Vluchtelingenwerk, mensen die sterk zijn in empathie en over uitstekende gespreksvaardigheden en -technieken beschikken. We werken op dit vlak nauw samen met SHN. Zo worden al onze collega’s door hen getraind in gesprekstechnieken. Ook onze conceptbrieven worden door SHN gelezen, wij verwijzen in onze brieven naar ze en, mocht een slachtoffer hulp willen, dan kunnen wij via een direct verbinding rechtstreeks doorverbinden naar SHN. Wij vinden het heel belangrijk dat slachtoffers gehoord worden en goed worden geïnformeerd over vrijheden die de veroordeelde krijgt’.

’Dat mensen op de hoogte zijn én dat ze kunnen aangeven wat hun beschermingsbehoeften zijn, maakt dat ze meer grip op de situatie hebben.’

Beeld: © DJI / DJI

Judith Cortel, Slachtoffehulp Nederland

Meer grip hebben

Dat laatste is heel belangrijk, beaamt Judith Cortel, juridisch beleidsadviseur bij Slachtofferhulp Nederland. ‘Onze medewerkers horen met regelmaat van slachtoffers hoe belangrijk het is dat ze goed geïnformeerd zijn, zeker in zware zaken. Je kunt je voorstellen hoe ontregelend het kan zijn als iemand de moordenaar van zijn kind of partner op straat tegenkomt. Maar ook in minder heftige gevallen kan een ontmoeting impact hebben op een slachtoffer of herbelevingen triggeren. Dit soort situaties is helaas nooit helemaal te voorkomen, maar het maakt heel veel uit of een slachtoffer geïnformeerd is. Puur het feit dat mensen op de hoogte zijn én dat ze kunnen aangeven wat hun beschermingsbehoeften zijn, maakt dat ze meer grip op de situatie hebben. En dat betekent dat ze voorbereid kunnen zijn, een plan kunnen maken hoe te handelen in bepaalde situaties. Als dat er niet is, kan dat het herstel heel erg in de weg zitten.’

Slachtofferhulp Nederland merkt zelf momenteel nog niet zoveel van de overdracht naar het CJIB en de nieuwe afspraken over het re-integratieverlof, maar verwacht wel dat dit gaat komen. ‘In de correspondentie van het CJIB worden nadrukkelijk onze gegevens gedeeld. Ik denk wel dat dit meer hulpvragen zal opleveren.’

Voorbeeld van goede samenwerking

Dat is eigenlijk vooral winst. ‘Ik vind de manier waarop we in de keten afspraken hebben gemaakt over de positie van slachtoffers een heel fijn voorbeeld van een goede samenwerking’, zegt Cortel. ‘Dat DJI daarbij soms andere belangen heeft dan wij, is niet erg. We bedienen allebei een andere groep, maar dat kan goed naast elkaar bestaan. Ik vind het goed dat twee DJI’ers in de aanloop naar 1 januari bij ons op bezoek zijn geweest. Elkaar kennen helpt om elkaars positie te begrijpen.’

Dat beaamt Van Buul. ‘Er is heel veel samenwerking op dit onderwerp. Zowel binnen DJI als in de keten. En dat is belangrijk, want het gaat soms om best grote dilemma’s. Ik zie dat het soms voor onze medewerkers best lastig kan zijn om de juiste beslissing te nemen. Er is altijd een afweging tussen het belang van een slachtoffer en dat van de gedetineerde. Vooral in grote mediagevoelige zaken is de druk hoog. Maar ook is het ingewikkeld als slachtoffers heel veel wensen hebben. Dan valt het niet mee om de goede afweging te maken. Gelukkig zijn we al gewend om casussen interdisciplinair te bespreken. Niemand hoeft in zijn eentje grote beslissingen te nemen.’