Het signaleren van radicaliseren

'Binnen de muren moet je alert zijn'

Radicalisering en extremisme zijn geen onbekende onderwerpen voor DJI. Binnen de muren gebeurt het best regelmatig dat iemand extremistische en gewelddadige ideeën heeft of ontwikkelt, niet alleen op de terroristenafdelingen. En daar moeten we iets mee.

Om goed in beeld te brengen of zoiets speelt en om daar op de juiste manier op te reageren, is er het Programma Aanpak Radicalisering en Extremisme (PARE). Maarten van Leyenhorst en Marije van Osch zijn allebei senior medewerker van dit programma en vertellen over het werk dat zij doen.

Marije legt uit: ‘Radicalisering is een proces in de gedachtegang van mensen. De denkbeelden van iemand worden zo extreem dat hij of zij bereid is daarvoor tot het uiterste te gaan. Die denkbeelden kunnen over van alles gaan: er bestaan bijvoorbeeld klimaatextremisten, links- en rechtsextremisten, jihadisten en steeds vaker ook mensen die zich losmaken van de overheid. Radicaliserende mensen hebben met elkaar gemeen dat ze steeds een stapje verder gaan, waarbij de overtreffende trap van hun gedrag extremistisch geweld of terrorisme is’

Marije van Osch: ’Er is niet maar één soort terrorist’

Risico’s in kaart brengen

Marije en Maarten weten waar ze het over hebben: ze zijn allebei experts op het gebied van radicalisering, met ervaring binnen en buiten DJI. Maarten is vanaf het begin betrokken bij de implementatie en doorontwikkeling van de VERA-2R, het risicotaxatie-instrument dat onder andere binnen DJI wordt ingezet om de risico’s te beoordelen dat iemand zal bijdragen aan gewelddadig extremisme.

Vanaf de start in 2019 is hij senior medewerker binnen het programma PARE. ‘Dit programma is ontwikkeld omdat tot die tijd vooral focus lag op de strenge beveiliging van veroordeelde terroristen. De vraag wat er ná detentie moest gebeuren, kreeg minder aandacht. DJI heeft toen opdracht gegeven aan de universiteit Leiden om te onderzoeken wat er werkt bij de re-integratie van deze doelgroep. Op basis hiervan zijn we in 2019 een pilot begonnen om inrichtingen te ondersteunen en adviseren. De opstartfase vond ik destijds wel spannend, want ik wist niet of de inrichtingen daar wel op zaten te wachten. Gelukkig is ons programma heel goed ontvangen en is het een goede aanvulling op kwesties rondom extremisme.’

Aandachtsfunctionaris

De experts van PARE bieden DJI een ‘meldpunt’ bij vermoedens van radicalisering onder justitiabelen. Collega’s die denken dat iemand in de inrichting radicaliseert, kunnen aankloppen bij hun eigen aandachtsfunctionaris. Marije: ‘De aandachtsfunctionaris kan vervolgens contact opnemen met ons. Wij verrijken deze melding dan met verschillende bronnen, onder andere vanuit informatie van het GRIP. Op basis van deze verrijkte informatie, bespreken we de casus binnen ons team. Centraal bij deze bespreking staan vier aspecten: de vraag in hoeverre er sprake is van een extremistische component binnen het delict, de mate waarin er al sprake is van extremistisch gedrag, of betrokkene al bekend is binnen extremistische netwerken en in hoeverre er sprake is van afwijkend gedrag dat gerelateerd is aan een ideologie.

Daarna zoeken we contact met de gemeente en eventueel de reclassering. Indien we een goed beeld hebben kunnen vormen, beslissen we of de casus in samenwerking met de inrichting blijven monitoren, of we de casus afschalen of de casus juist opschalen naar de zogenoemde MAR-aanpak, dat staat voor multidisciplinair afstemmingsoverleg resocialisatie. Bij het MAR wordt een casus zo lang als nodig is multidisciplinair besproken en gevolgd. Daarbij kijken we naar zeven aandachtsgebieden, zoals risicobeeld, relaties, ideologie en de praktische leefgebieden. Ook proberen we te ontdekken hoe iemand zijn eigen rol in de samenleving ziet en of hij anderen beïnvloedt, of juist beïnvloedbaar is.’

Maarten legt uit waarom het fijn is dat er experts meekijken met collega’s van de werkvloer. ‘Wij kunnen goed zien of er eerder signalen over een justitiabele zijn gedeeld toen die in een andere inrichting verbleef. Verder is het best lastig om signalen op te pikken en ze vervolgens op de goede manier te duiden. Waar moet je op letten? Wat zegt een hakenkruis op cel, wat kun je herleiden uit bepaalde uitspraken of uiterlijke verschijningsvormen? Voorheen was het verband tussen ideologie en gedrag of uitspraken heel sterk, maar de laatste jaren is dat er veel minder. Er is niet maar één soort terrorist – de een is superreligieus, terwijl de ander geweld verheerlijkt vanuit andere drijfveren.’

Nieuwe ontwikkelingen

Marije voegt daaraan toe: ‘Er zijn ook veel nieuwe ontwikkelingen. Zo zien we steeds meer jongeren die radicaliseren. Zij hebben heel vaak niet één ideologie, maar meer een mix van ideeën. Sinds ongeveer een jaar uit zich dat steeds vaker in het bijdragen aan of oproepen tot extremistisch gewelddadig gedrag. Daar lees je ook wel over in de media, en dat zien wij in onze casussen direct terug. Dat vraagt ook iets van ons als organisatie, namelijk dat we onze kennis over dit onderwerpen blijven voeden. En dat doen we ook. Zo houden we in november een conferentie waar alle collega’s die betrokkenheid hebben op dit thema welkom zijn. Samen weten we meer.’