Binnen DJI worden gedetineerden in een passend regime geplaatst op basis van objectieve criteria. Plaatsingen en overplaatsingen worden beoordeeld aan de hand van actuele risico’s.
Mandaat
De Minister van Justitie en Veiligheid (de Minister) is bevoegd tot het nemen van beslissingen over de plaatsing en overplaatsing van gedetineerde. In de praktijk is deze bevoegdheid van de Minister gemandateerd aan de selectiefunctionaris die werkzaam is bij de Directie Individuele Zaken (DIZ) op het hoofdkantoor van DJI.
Proces (over)plaatsing in reguliere regimes
Een gedetineerde die zich in voorlopige hechtenis bevindt (in afwachting van het vonnis van de rechter in eerste aanleg) wordt geplaatst in een huis van bewaring. De gedetineerde wordt bij voorkeur geplaatst in een huis van bewaring gelegen in of toegewezen aan het arrondissement van vervolging. Gedetineerden die zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf worden geplaatst in een gevangenis in het arrondissement van vestiging.
Een uitzondering hierop vormen de gedetineerden die op de lijst van gedetineerde met een vlucht- of maatschappelijk risico zijn geplaatst (GVM-lijst). Zij kunnen geplaatst worden in iedere inrichting, ongeacht woonplaats, arrondissement van vervolging of de afstand voor hun bezoekers naar de inrichting.
Zowel de directeur als de gedetineerden kan een overplaatsingsverzoek indienen bij de selectiefunctionaris. Na het nemen van de plaatsingsbeslissing komt de gedetineerde op een (wacht)lijst voor overplaatsing.
Proces plaatsing in een AIT of de EBI
De directeur van een inrichting kan aan de selectiefunctionaris voorstellen om een gedetineerde in de afdeling voor intensief toezicht (AIT) of de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) te plaatsen. Bij het opstellen van dit advies betrekt de directeur informatie over de gedetineerde uit de inrichting als ook informatie afkomstig van in ieder geval de politie en het Openbaar Ministerie (OM). Voordat het advies naar de selectiefunctionaris wordt verzonden, bespreekt de directeur het advies met de gedetineerde. Na ontvangst van dit voorstel wordt de gedetineerde door de selectiefunctionaris (digitaal) gehoord. Tijdens het hoorgesprek kan de gedetineerde eventuele bezwaren tegen de voorgenomen plaatsing kenbaar maken. Het voorgenomen besluit van de selectiefunctionaris wordt hierna voorgelegd aan de selectie-adviescommissie AIT en EBI (SAC), waaraan onder meer DJI, politie, het OM en een gedragsdeskundige van het NIFP deelnemen. Na advies van de SAC neemt de selectiefunctionaris een definitief besluit.
Jaarlijkse herbeoordeling AIT en EBI plaatsingen
Een plaatsing in de EBI of AIT geldt voor een periode van twaalf maanden. Na elf maanden – een maand voor afloop van de plaatsingsperiode - beoordeelt de selectiefunctionaris of verlenging van het verblijf binnen de AIT of EBI noodzakelijk is. Daarbij wordt opnieuw informatie betrokken van de inrichting, de politie en het OM. Ook krijgt de gedetineerde weer de gelegenheid om bezwaren kenbaar te maken in een hoorgesprek. Bij verlenging of uitplaatsing, wordt een voorgenomen besluit ter advisering voorgelegd aan de SAC. Na het advies van de SAC volgt een definitief besluit.
Beroep
Tegen het besluit tot plaatsing in de EBI of AIT en de verlenging van het verblijf aldaar kan de gedetineerde beroep instellen bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ).